Interview Aad Koster en Yvonne van Gilse over de "Doetank Andere handen"

21 september 2011
DoeTank Andere handen

De ouderen- en thuiszorg staan voor een ingrijpende verbouwing. Doetank Andere handen wil deze verbouwing gaan realiseren met de hoofdrolspelers namelijk de klant en de medewerker. De uitvoerende medewerkers moeten door opschaling in gebruik van technologie en ICT gaan werken aan toekomstgerichte oplossingen. De DoeTank Andere handen probeert een substantieel deel van alle uitvoerende medewerkers in de zorgsector te betrekken. STG/HMF sprak met Yvonne van Gilse(LOC) en Aad Koster(ActiZ) en vroeg naar hun ervaringen met de Doetank Andere handen.

 

Waarom is volgens jou een grote verbouwing van de ouderenzorg nodig?

YG: Door de bevolkingsopbouw neemt het aantal oude ouderen toe en neemt het aantal jongeren af. Daarnaast krijgen ouderen steeds meer te maken krijgt met meer dan één ziekte of aandoening. De zorgvraag wordt daardoor complexer en we moeten dus bedenken hoe we omgaan met  de toenemende vraag naar - al dan niet complexe -  (ouderen)zorg.
Als we met zo min mogelijk geld zoveel mogelijk mensen willen verzorgen, dan betekent dat:  mensen die zorg nodig hebben, hebben recht op hetzelfde bij gelijke indicatie. Deze 'one size fits all' filosofie begint steeds meer te schuren. LOC vraagt zich af of het financiële kader wel leidend moet zijn in ons denken over de toekomst van de (ouderen)zorg. 

AK: Ik denk dat de demografische ontwikkelingen binnen de ouderenzorg een belangrijke rol spelen. Mensen worden steeds ouder en daardoor wordt ook de groep die binnen de ouderenzorg valt  groter.  Ook komen mensen sneller uit het ziekenhuis kan verdere behandeling thuis plaatsvinden. Deze ontwikkelingen betekenen dat mensen een toenemend beroep gaan doen op de ouderenzorg. Niet alleen voor meer zorg, maar ook voor meer persoonlijke zorg. Bovendien zie je dat mensen langer thuis blijven wonen, wat mogelijk wordt door technologische ontwikkelingen in de thuiszorg. Daar moeten we wat mee doen. Ook moet niet worden vergeten dat het sociale netwerk van de zorgvrager ook belangrijker wordt. Hoe kan je als familie of partner meer betrokken zijn bij de zorg van je naasten?

Wat is voor jou de kern van de Doe Agenda Andere handen, en waarom steun je dat?

YG: Het gaat erom dat we investeren in zorgmedewerkers zodat zij in staat zijn om 'goede en passende' zorg te bieden. De kern van de Doe Agenda Andere Handen ligt voor mij in de verbinding tussen een aantal inspirerende en geïnspireerde mensen die de handschoen oppakken en oplossingen bedenken. Het uitgangspunt daarbij - gebruik maken van de kracht van medewerkers - spreekt mij erg aan. We willen samen denken en doen om ervoor te zorgen dat zowel medewerkers als cliënten er in hun dagelijkse leven de effecten van merken.

AK: De Doe Agenda staat voor zelfwerkzaamheid en samenwerking om tot actie te komen. Niet de overheid om meer geld vragen, niet blijven praten, maar zelf initiatief nemen.  Vooral de vraag ‘hoe kunnen we meer voor elkaar betekenen?’ is voor mij belangrijk. De essentie is wat mij betreft dat we mensen erop wijzen dat ze niet alleen recht op zorg hebben, maar ook een verantwoordelijkheid om zelf actie te ondernemen. Organisaties zullen hun werknemers de ruimte moeten bieden om deze zorg te kunnen verlenen. Dat kan bijvoorbeeld in de vorm van ruimte voor vrijwilligerswerk of vrijstelling voor zorgverlening. Het aantrekkelijke van de Doe Agenda is dat het gaat om de dagelijkse vooruit geschoven posten die zorg op een persoonlijke en directe manier kunnen leveren.

Wat is de volgende stap die jij wilt zetten?

YG: Vanuit LOC wil ik actief bijdragen aan deze Doe Agenda door bekendheid te geven aan dit initiatief. Ik gebruik mijn netwerk om het verder onder de aandacht te brengen van mensen waarvan ik denk en weet dat zij ook in actie willen komen. Maar ik ben ook benieuwd welke rol of bijdrage cliënten hieraan kunnen geven, zodat ook zij in de organisaties waarin zij actief zijn, het belang van investeren in medewerkers onder de aandacht kunnen brengen.

AK: De Doetank tracht een opleiding op te zetten, in eerste instantie met zo’n 3000 medewerkers uit de zorgsector. Het liefste zou ik zo snel mogelijk aan de slag gaan met deze groep. In eerste instantie wil ik ze helpen bij het opzetten van een duurzame manier van zorgverlenen. Daarvoor moeten eerst de zorgbestuurders enthousiast worden en de bal oppakken. Om de Doe Agenda te bekostigen moeten verschillende partijen de handen in elkaar slaan. Of dat nou particuliere initiatieven zijn of niet, dat maakt niet uit. Het gaat er veel  meer om dat we met zijn allen onze bijdrage leveren.

Yvonne van Gilse is directeur/bestuurder bij LOC en houdt zich bezig met Zeggenschap in de zorg. Aad Koster is directeur bij Actiz een organisatie voor zorgondernemers. Ook zijn zij lid van het bestuurdersnetwerk STG/Health Management Forum.

Beiden hebben de totstandkoming van de bouwvergadering mogelijk gemaakt. De DoeTank bestaat uit Henk Nies, Monique van Doorn en Annemiek Goris.

 

Reactie:

In een reactie op dit interview vroegen we Rolien de Jong, in het verleden projectleider bij STG/HMF, om een voorbeeld uit de praktijk. Daarbij stelden we haar de vraag: 'Waarom deze tijd ook wel de oertijd van het gebruik van ICT door verpleegkundigen wordt genoemd?':

"Als projectleider bij STG heb ik gekeken hoe verpleegkundigen gebruik maken van ICT in hun dagelijkse werk. De oertijd kwam ik zelf vooral tegen in de doorontwikkeling van ICT door verpleegkundigen. Overal kwamen vergelijkbare situaties voor, de verpleegkundigen zijn erg enthousiast maar het lukt ze niet om anderen er bij te betrekken. Ze vinden het vanuit een cultureel aspect niet bij de zorg passen. Toch zouden meer investeringen in het verbreding van ICT kennis en het bereiken van de doelgroep kunnen al een hele vooruitgang betekenen.''